Schat je mag vliegen

Wat hebben we van je gehouden
Nog in de veiligheid van mijn schoot,
Wat hebben we van je genoten,
Van ieder schopje en elke stoot.

Veel te plotseling en veel te vroeg,
Moest ik je alweer laten gaan,
Veel te snel en veel te vlug moest jij,
Op je eigen beentjes leren staan.

Zo klein je was, ging je in gevecht,
Vol met kracht en dapperheid,
Vocht je voor twee dagen,
Deze harde ongelijke strijd.

We zagen je knokken voor leven,
Vol slangen tegen je kleine lichaam aan,
Maar hier kunnen we toch niet spreken,
Van een vol menswaardig bestaan.

We hebben je toen toegefluisterd:
“Schat, van ons mag je vliegen
naar een beter en mooier leven,
wij zullen je zacht in slaap gaan wiegen.”

En in mijn armen mocht je slapen,
Dat is alles wat wij je konden geven,
Maar in ons harten
Zul je eeuwig verder leven.

© Marion Middendorp

Extra informatie

Afscheidsgedichten

Geef een reactie