Ervaringen – Het verdriet van Ineke

Ik ben Ineke Tan en heb in 1971 een baby gekregen waarvan ik tot op de dag van vandaag niet weet of het nog leefde en hoe het eruit zag.

Na ongeveer 25 weken zwangerschap stuurde mijn huisarts mij naar de gynaecoloog omdat hij de grootte van de baby niet in verhouding vond met de zwangerschapsduur.De gynaecoloog heeft inwendig onderzoek gedaan en bloedonderzoek, na een paar dagen kreeg ik de mededeling dat ik opgenomen zou worden omdat ik anders het kind zou verliezen.
Na twee weken plat liggen in het ziekenhuis onder behandeling van een andere gynaecoloog kwam mijn eigen gynaecoloog – die op vakantie was geweest – weer bij me langs en vond dat ik naar het Dijkzicht in Rotterdam moest om een echo te laten maken (was nog niet standaard in alle ziekenhuizen) De gynaecoloog aldaar vroeg mij of ik enig idee had wat er aan de hand kon zijn waarop ik hem zei: “Ja, maar nu weet ik het zeker gezien uw reactie”, waarna ik werd teruggebracht naar mijn eigen ziekenhuis.

De dag erna kwam mijn gynaecoloog langs met de mededeling dat het niets zou worden en dat hij mij medicijnen ging geven om de geboorte op te wekken. Ik wilde hem wat vragen maar dat mocht niet van de oude hoofdzuster want vragen moesten via haar! Daar lag ik dus, geen idee wat er verder zou gaan gebeuren. Later die dag hoorde ik de gynaecoloog op de gang praten en ben naar hem toegegaan om meer uitleg, hij zei dat de bevalling na een paar dagen kon plaatsvinden maar als ik pech had zou de bevalling ook pas met negen maanden kunnen gebeuren. Ik wilde naar huis want als je geen behandeling meer krijgt dan kun je net zo goed thuis afwachten.

Twee dagen na het begin van de opwekkende medicijnen begonnen de weeën en ben ik ’s avonds om half tien naar het ziekenhuis gegaan, na een onderzoek werd ik op de verloskamer gelegd en mijn man werd naar huis gestuurd want het kon nog wel even gaan duren! Daar heb ik tot 4 uur ’s nachts gelegen starend naar een grote klok die de seconden weg tikten. Er kwam niemand kijken, er werd zelfs geen drinken gebracht.

4 uur kwam een arts kijken hoever ik was en voelde in mijn baarmoeder hoe groot de baby was en of het er al uit kon. Daarna mocht ik gaan persen. Aan het inlichten van mijn man werd niet gedacht, hij is er dus niet bij geweest. Op het moment dat de baby eruit zou komen werd mij een doek voor mijn gezicht gehouden zodat ik het niet zou zien en de baby werd meteen in een doek gewikkeld en weggehaald.

In de sluis naast de verloskamer werd overlegd maar niet met mij. Nadat ik was verzorgd werd ik op de afdeling waar ik twee weken had gelegen in de badkamer gezet want ik mocht niet terug naar de zaal want daar lagen a.s. moeders en dat was ik niet meer.
De dag erna kwam de hoofdzuster bij mij kijken ik was erg verdrietig maar ik moest niet huilen want ik was nog jong genoeg om andere kinderen te krijgen.

Drie dagen na de bevalling kreeg ik stuwing waarvoor ik niets kreeg en de volgende dag heeft men mijn borsten met een sluitlaken opgebonden en dat moest blijven zitten tot de stuwing weg was. Na twee dagen stonk het naar franse kaas en werd er kamfer spiritus opgedaan tegen de stank, ik heb daar 5 dagen mee rond gelopen waarin ik niet mocht douchen. De Gynaecoloog zei dat ik na een week naar huis mocht als de stuwing over was. Op de dag voor het ontslag heb ik mijn man maandverband laten meebrengen en de ontslagdag het sluitlaken afgedaan een b.h. aangedaan met stukken maandverband erin en gezegd dat de borsten niet meer lekten daarna naar huis. Bij thuiskomst zag ik dat de babykamer was leeg geruimd en mijn moeder die aanwezig was zei dat het beter was als ik de spullen niet meer zag. Ik moest voor mijzelf hard zijn en mijn omgeving sprak er niet over, het was een groot taboe waarbij je jezelf waardeloos voelt en ijskoud gaat reageren. Toen de melkboer, die nog aan huis kwam, mij een flesje slagroom wilde geven en vroeg of het een jongen of meisje was geworden zei ik tegen hem: “Het kind is dood,” en ben weggelopen.
De dag daarna ben ik naar de huisarts gegaan voor mijn pijnlijke borsten en een koortsige gevoel, die bleken ontstoken te zijn en moesten behandeld worden met antibiotica. Ze lekten nog steeds voeding. De ontsteking is overgegaan maar na 3 maanden was ik weer zwanger met borsten die nog steeds lekten van de eerste bevalling, de hele zwangerschap rond gelopen met doekjes in mijn b.h.en als ik die afdeed dan hoefde ik de borsten maar aan te raken of de voeding spoot eruit.

Na de bevalling van mijn gezonde dochter heb ik gevraagd om medicatie tegen stuwing maar ik moest daar nog maar eens even over nadenken! Heb later op die dag uitgelegd aan de hoofdzuster wat er gebeurd was en ze begreep waarom ik dit wilde ik kreeg toen wel medicatie.

Na 3 weken ben ik voor baby controle naar het consultatie bureau gegaan en volgens de arts zag de baby er goed uit en vroeg hij naar de borstvoeding ik vertelde dat ik die niet gaf maar voordat ik het kon uitleggen waarom werd hij boos en zei: “Jullie jonge vrouwen willen alleen maar zo snel mogelijk je figuur terug en geen gedoe aan je lichaam!” Ik ben toen huilend met mijn dochter weggelopen naar de gang heb haar daar aangekleed en ben naar huis gegaan.
Daarna heb ik mijn huisarts gebeld en verteld wat er was gebeurt op het consultatie bureau, hij had wel alle begrip voor de situatie en heeft daarna alle maandelijkse controle gedaan.

Al deze toestanden hebben ertoe geleid dat ik nog steeds in huilen uitbarst als ik in mij omgeving word geconfronteerd met dood geboren kinderen en weet ik nog steeds niet wat de oorzaak van deze tragedie is geweest. Het is nu 41 jaar geleden maar leeft nog steeds bij mij. Het is een hele verbetering dat deze kindjes nu wel aan de ouders worden gegeven en worden gezien als mensen en niet als ziekenhuis afval wat je verbrand of misschien wel op sterk water zet als leer voorbeeld voor medische studenten.

Meer informatie

Lees de ervaringen van anderen
Afscheidsgedichten

Bronvermelding

Tekst: Ineke
© afbeelding: 123rf.com