Ervaringen – Afscheid van een lief klein humpeltje

Carolien vertelt op ontroerende wijze over het moeilijke afscheid van haar dochtertje Esmée. Die veel te vroeg uit het leven is weggenomen. Esmee is nog geen drie jaar geworden…
Het hele verhaal heeft zij prachtig vorm gegeven op de website www.humpeltje.nl.
Een mooi eerbetoon aan haar overleden dochter.

Op donderdag 16 februari 2006 legde ik ’s avonds een gezond kindje in bed; ze werd nooit meer wakker.
Op de ochtend van vrijdag 17 februari rond half 8 liep ik de kinderkamer in, omdat ik de jongste (Vera 1,5 jr) hoorde. Op de kamer hoorde ik een raar gezoem. Ik keek in die richting en zag dat er iets was met Esmée, er lag een donkere plek bij haar gezichtje. Ik deed het licht aan en zag Esmée half-zijdig schudden, met weggedraaide oogjes, in de spuug met bruin bloed. Het voelde fout, heel fout. Ze leek wel diepzwakzinnig. Haar koppie, daar was iets heel fout, ze was weg!
Gelijk 112 gebeld. In het ziekenhuis werd ze binnen gebracht op de kinderafdeling. Al snel ging ze naar de intensive care voor beademing. Daarna is ze naar de kinder IC in het Radboudziekenhuis gebracht. Nooit nooit zijn haar oogjes meer opengegaan. Na 3,5 dag is de beademing gestopt….hersendood. Mijn lieve kleine meisje is op maandag 20 februari 2006 om 23.16 overleden. Mijn kindje, mijn kindje, wat had ik je graag bij me gehouden.
We hebben de tas opgehaald in het Radboudhotel, zijn gaan bellen, hebben wat gegeten en gedronken. Daarna heb ik Esmée gewassen en haar pyjamaatje aangetrokken. Nu de lijm uit haar haren was, leek ze weer een beetje op mijn meisje. Ik mocht haar op schoot. Oh, wat was dat ongelooflijk heerlijk. Ze lag zo lekker in mijn armen te hangen. Zo fijn haar eindelijk te mogen vasthouden, na die dagen van niet mogen aanraken. Toen gingen we naar huis. Zo verslagen, zo verdrietig, zo leeg.

We gingen weg en lieten Es achter in het ziekenhuis. Ze had gelukkig geen laken over zich heen, maar lag “bijna” slapend in bed.
Bij de receptie leverden we de sleutels in van de kamer in het Radboudhotel, met de woorden, ik heb de kamer niet meer nodig, mijn dochter is dood. Wat was dat onwerkelijk om uit te spreken. Mijn kind is dood, gewoon dood, voor altijd.
We liepen naar de auto, en alles gaat door, kaartje in automaat, geld inwerpen, naar auto, zo gewoon en zo anders. We liepen aan elkaar vastgeklampt, steeds weer tranen, zo verslagen, zo onwerkelijk. Ik zei Sem, ik wil je echt nooit meer kwijt. Wil echt voor altijd bij jou blijven, beloof het me, beloof me dat we samen blijven. Ja, en we hielden elkaar nog steviger vast. De wanhoop die door dan je heen raast… We kwamen bij auto en gingen naar huis, een leeg stil huis. Onderweg zei ik, dat doodgaan in de armen van iemand die heel van je houdt, dat dat me de mooiste manier van sterven leek. Het had alleen niet mijn kindje moeten zijn, niet Esje, Esje hoorde bij ons!

Zaterdag 25-2 is ze begraven.
We zijn al vroeg wakker. Het eerste wat ik doe, is de stekker van de koeling uit het stopcontact. Wat is dat moeilijk, voelt alsof ik mijn kind uitzet! Voelt zo onwerkelijk, zo definitief.
De uitvaart hebben we zelf gedaan. Ik wilde zelf over mijn kindje praten. Wilde absoluut niet, dat een vreemde iets over mijn mooie meisje zou zeggen. Dit was het laatste wat ik nog voor haar kon doen. Ook mijn oudste dochter en mijn ouders hebben gesproken. We hebben een stukje video laten zien van de avond voordat ze ziek werd. Toen ging ze de grond in, in het prachtige kistje, gemaakt door opa. Oh, meid we missen je vreselijk!

Esmée is overleden aan encefalitis (hersenontsteking). We hebben obductie laten verrichten, omdat hersenontsteking een gevolg is, geen oorzaak. Je krijgt het ergens door.
We wilden heel graag weten, waardoor ons meisje zo ziek werd en doodging. Aan hersenontsteking ga je meestal niet dood, ook komt het bij kinderen eigenlijk niet voor.
Tijdens de periode van ziekzijn, werd gedacht viraal. Nou zijn er zo veel virussen, dat dit niet met 100% uit te sluiten is. In ieder geval, er is geen virus gevonden en alle bekendere virussen zijn uitgesloten. Toch was het weefsel in de linkerkant van haar hersentjes dusdanig afwijkend, dat ze vermoedelijk is gestorven aan hersenontsteking die veroorzaakt is door een auto-immuunziekte. Ze begon zomaar ineens anti-stoffen tegen haar eigen hersentjes te maken. Ze brak haar eigen hoofdje af. Door de epileptische activiteit in haar hoofdje, is het verloop extreem snel gegaan. De druk in haar koppie was zo groot. Alles ging kapot.
Achteraf bleek dat ze geen beroerte gehad heeft, zoals na de MRI-scan gedacht werd.
Esmée is overleden aan iets dat niet erfelijk, niet besmettelijk, niet te voorkomen en zo goed als niet te genezen is. Waarom nou juist mijn meisje? …

Een jaar geleden wisten we nog niks, over de nachtmerrie, die ons te wachten stond. De hele dag schiet mijn hoofd vol herinneringen over de vorige 16 februari:
’s Nachts was Es wakker geworden. Ze wilde bij mij slapen. Dat deden we maar zelden. Nu gaf ze aan het echt nodig te hebben.
Es was erg knuffelig. Es gaf kusjes en bleef maar over mijn wang aaien met de woorden: “Emmeemama aaien, hè, jaha, Emmee mama lief”. En ik maar zeggen, Es ga nou slapen”. Ze ging anderhalf uur onverstoorbaar door met aaien.
Achteraf denk ik dat ze afscheid nam…
’s Ochtends was ze moe, dat vond ik niet vreemd, ze was immers lang wakker geweest.
Kim ging naar school, Vera na het bad weer naar bedje en Es ging lekker op de bank Teletubbies kijken. Ik kroop achter mijn naaimachine. Ik was bezig om voor Es een Ryan een broek te maken. En een luierbroekje voor Es (ze was ’s nachts nog niet zindelijk). Ik knipte een binnenkant van paardjes flanel. Uit de stofrestjes knipte ik de paardjes en gaf ze aan Es. Het daarop volgende halfjaar, vonden we af en toe op onverwachte plaatsen, een lapje paardjes stof terug.
Terwijl ik zit te naaien, komt Es naast me aan tafel zitten en pakt haar schaartje. Ze heeft het knippen pas ontdekt. Ze knipt van alles in stukjes en gooit het weg. Pas een aantal dagen later, ontdekken we, dat ze (bijna) al haar tekeningen heeft verknipt en weggegooid, die laatste ochtend. Ze had ze niet meer nodig en ruimde haar spulletjes al vast op, dachten we achteraf.
We hebben ons rot gezocht naar tekeningen van Es. In de loop der maanden vinden we er af en toe een, op de meest onverwachte plaats.

Als je dood gaat, ben je weg,
voor altijd en altijd en altijd,
je komt nooit meer terug.
Het is leeg zonder jou,
zo verschrikkelijk leeg,
we missen je intens veel.
Dit doet zo’n pijn…

Ik had nog zoveel met je willen delen,
nog zoveel samen genieten.
Ik had je willen zien opgroeien,
nog zoveel van je leren kennen.
Waarom ben je niet gebleven,
je hoorde bij ons…

In gedachten hoor ik je lieve stemmetje,
zie ik je prachtige gezichtje,
je lach, je grapjes, je streken.
Ik kan bijna voelen, dat je bij me kruipt,
je warme lijfje tegen me aan.
Ik zie je stralende ogen,
voel je zachte haartjes.
Ik zie je spelen, zie je rennen,
voel je kusjes en knuffels,
je kleine armpjes om me heen…

Dan is het weer stil, zo stil,
je bent weg, heel ver weg.
Toch ook heel dichtbij, diep in ons hart,
voor altijd…

Meer informatie

Lees de ervaringen van anderen
Afscheidsgedichten

Bronvermelding

Tekst: Carolien
© afbeelding: 123rf.com

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.